European Bakery Innovation Centre

Grondstoffen

Allergenen en etikettering

Allergenen zijn, in principe onschadelijke, natuurlijke stoffen die slechts bij een kleine minderheid van de bevolking, een reactie van het immuunsysteem geven. Er zijn geen precieze cijfers over het aantal mensen met een voedselallergie in Nederland. Geschat wordt dat 1-2 % van de volwassenen en 1-3 % van de kinderen een voedselallergie heeft. Hoe het zit met de verdeling tussen mannen en vrouwen is ons helaas niet bekend.

Voedselallergie of voedselintolerantie
De termen voedselallergie en voedselintolerantie worden vaak door elkaar gehaald. Bij voedselallergie reageert het afweersysteem (te) sterk op bepaalde eiwitten (‘allergenen’) die in voeding voorkomen. Bij patiënten die een voedselintolerantie hebben, ontstaan de klachten ook na inname van voeding, maar is het afweersysteem er niet bij betrokken.

Allergische reactie

Bij blootstelling aan zeer kleine hoeveelheden kunnen allergische reacties al optreden. De symptomen blijven meestal beperkt tot kleine lichamelijke reacties zoals tijdelijke huidaandoeningen, benauwdheid en/of overgeven. In een klein aantal gevallen echter kunnen deze reacties extreem heftig zijn en kan de consument in een shock toestand komen (anafylactische shock) en zelfs overlijden. Allergenen hebben dus te maken met voedselveiligheid!

Kruisbesmetting of cross contaminatie

Omdat zelfs hele kleine concentraties van allergenen al een reactie kunnen veroorzaken, kan kruisbesmetting van allergenen op productie lijnen als een probleem gezien worden. Kruisbesmetting door allergenen is binnen de voedselproducerende bedrijven een belangrijk item geworden. Volgens zowel de huidige etikettering wetgeving (warenwetbesluit etikettering levensmiddelen) als de nieuw te implementeren verordening (EG 1169/2011) moeten allergenen vermeld worden op een etiket van een verpakt voedingsmiddelproduct. De nieuwe verordening gaat wel verder want ook bij onverpakte producten voor de eindgebruiker moet de allergenen informatie verstrekt worden. Binnen de genoemde regelgevingen wordt met allergenen de 14 verplichte EU allergenen bedoeld (zie onderstaande tabel).

Mogelijke kruisbesmetting door bijvoorbeeld het gebruik van dezelfde lijnen, machines etc. hoeft wettelijk niet vermeld te worden. Uit de markt blijkt echter dat mogelijke kruisbesmettingen wel degelijk een hot item. Consumenten kunnen namelijk al ziek worden van kleine spoortjes allergeen. Er wordt steeds meer aandacht gegeven aan mogelijke cross contaminatie. Men kijkt dan niet alleen naar de productielijn echter ook naar de gehele fabriek.

Er is een allergenenwetgeving waarin de 14 allergenen stoffen (met inbegrip van alle daarvan afgeleide producten) de volgende zijn:

1.

Glutenbevattende granen: tarwe, rogge, gerst, haver, spelt, kamut

2.

Schaaldieren

3.

Eieren

4.

Vis

5.

Pinda

6.

Soja

7.

Melk (inclusief lactose)

8.

Noten: amandelen, hazelnoten, walnoten, cashewnoten, pecannoten, paranoten, pistachnoten en macadamianoten

9.

Selderij

10.

Mosterd

11.

Sesamzaad

12.

Zwaveldioxide en sulfiet bij concentraties van meer dan 10mg SO2 per kilo of liter

13.

Lupine

14.

Weekdieren

Tabel 1 - Deze 14 allergenen moeten op het etiket van een product worden vermeld wanneer één of meer van deze stoffen gebruikt zijn (ongeacht de gebruikte hoeveelheid of procesbewerking). Dit is niet nodig als de naam van het product duidelijk naar de stof verwijst, zoals bijvoorbeeld een pak melk. Europese wetgeving.

Mijn EBIC

Wachtwoord vergeten?

Registreren

right banner 1

Deze website maakt gebruik van cookies. Waarom? Klik hier voor meer informatie.

Sluit